De levenscyclus van een vlinder bestaat uit vier stadia: ei, rups, pop en vlinder. Het rups-stadium en het vlinder-stadium zijn stadia waarin het dier actief is. Ter illustratie foto’s van de koninginnenpage, de grootste dagvlinder van Nederland: ​

Ei

Na de paring zet een vlindervrouwtje haar eitjes af op de waardplant, de plant die de rups graag eet. Het aantal eitjes dat een vlinder legt, verschilt sterk per soort. De ene soort legt in totaal ‘maar’ 60 eitjes, terwijl het groot koolwitje er wel 1000 kan leggen. Vlinders leggen hun eitjes ook allemaal op een andere manier: koolwitjes leggen de eitjes in een groepje bij elkaar, zandoogjes leggen maar één eitje per blad en landkaartjes maken korte kettinkjes aan de onderkant van een blad.

Rups

Rups koninginnenpage aan het verpoppen
Rups koninginnenpage aan het verpoppen

Als de rups uit het eitje kruipt wil hij maar één ding: eten. Tijdens zijn ontwikkeling moet de rups vier of vijf keer vervellen, omdat zijn huid niet meegroeit. Aan een rups is het geslacht nog niet te zien, maar het ligt al wel vast of de rups een mannetje of vrouwtje zal worden. De laatste vervelling is anders: in plaats van een zachte rupsenhuid komt er een stevige pophuid tevoorschijn. Dit wordt verpoppen genoemd. Binnenin de pop wordt de rups ‘omgebouwd’ tot vlinder. Hoelang het popstadium duurt hangt af van de soort; bij een groot koolwitje duurt het ongeveer twee weken.

Pop

Als de metamorfose is voltooid, barst de pop open en kruipt de vlinder naar buiten. De vleugels zijn nat en opgevouwen en de vlinder kan nog niet vliegen. Vanuit het lijf wordt ‘bloed’ in de vleugels gepompt en de vleugels krijgen hun uiteindelijke vorm. ​De volwassen vlinder gaat op zoek naar een partner, plant zich voort en de cyclus begint opnieuw.

Overigens, van elke 100 eitjes die een vlinder legt, komen uiteindelijk maar 1-5 exemplaren tot voortplanting.

Doodsoorzaken

Geparasiteerde rups groot koolwitje
Geparasiteerde rups groot koolwitje

Verreweg de belangrijkste oorzaak van het niet tot voortplanting komen van een vlinder zijn parasitoïden. Sluipwespen en sluipvliegen leggen een ei óp of ín een gastheer, of op een plek waar het ei grote kans heeft te worden opgegeten. Uit dat ei ontwikkelt zich een larve die de gastheer óf van buitenaf óf van binnenuit opeet.

Andere oorzaken zijn:

  • weersomstandigheden, bijv. een periode van droogte of veel regenval
  • pech, bijv. een bosbrand of een jonge rups die de weg terug naar de waardplant niet meer weet
  • (chemische) vervuiling
  • competitie, bijv. rupsen die doodgaan omdat er te weinig waardplanten zijn of omdat de planten door een andere soort worden opgegeten
  • predatie: talloze vogels, zoogdieren, insecten en andere dieren leven van o.a. vlinders (en eitjes, rupsen en poppen)
  • ziekten door nematoden, schimmels, bacteriën of virussen